Tenniselleboog
Een tenniselleboog of epicondylitis lateralis is een overbelastingsblessure van de strekkers van de pols. De pijn wordt gevoeld ter plaatse van de aanhechting van de polsstrekkers aan de buitenzijde van de elleboog. Soms straalt de pijn uit naar de onderarm en in enkele gevallen ook naar de pols en vingers. Simpele bewegingen als het strekken van de pols of het maken van draaibewegingen kunnen veel klachten geven. Tennissers ervaren de pijn meestal op het moment van het slaan van de enkelhandige backhand. Naast sporters kunnen ook huisvrouwen en klussers deze blessure oplopen.
Hoe ontstaat epicondylitis lateralis / tenniselleboog?
Deze blessure ontstaat vaak geleidelijk, door overbelasting van de polsstrekkers of door veranderingen in trainingsfrequentie, techniek of het gebruikte materiaal. Na langdurig herhaalde eenzijdige bewegingen met de hand, zoals bij bepaalde trainingsactiviteiten, maar ook bij schoonmaken of klussen (schilderen, schroevendraaien etc.) kan een overbelasting van deze spiergroep ontstaan. Stoornissen in de beweeglijkheid van de pols, elleboog, schouder(gordel) of wervelkolom (CWK of CTO) kunnen een rol spelen bij het ontstaan van deze blessure.
Wat kan de sporter doen bij een tenniselleboog?
De bewegingen die de tenniselleboog veroorzaken zullen in eerste instantie vervangen moeten worden door niet-belastende trainingsactiviteiten. Gerichte rekoefeningen van de polstrekkers en -buigers en koeling met ijs of een cold-pack kan verlichting van de klachten geven.
Welke behandelmethode volgt het SMC van de KNVB bij epicondylitis lateralis?
De sportarts kan beoordelen of de pijn aan de buitenzijde van de elleboog veroorzaakt wordt door een tenniselleboog of door een andere oorzaak (o.a. referred pain CWK/CTO, osteochondrosis dissecans of entrapment van zenuwen). De sportarts bekijkt verder wat de oorzaak van het ontstaan van de blessure is. Eventueel zal het Sportmedisch Centrum (SMC) van de KNVB verder aanvullend onderzoek laten verrichtwn. Op basis van de geconstateerde oorzaak van de blessure en de sportbelasting worden dan individuele adviezen verstrekt.
Bij stoornissen in de beweeglijkheid van de pols, elleboog, schouder(gordel) of wervelkolom (CWK of CTO) zal manuele therapie geadviseerd worden, ondersteund met oefentherapie. Als de blessure in stand gehouden wordt door verkeerde technieken of verkeerd materiaal wordt daar advies over gegeven. Tennissers zullen bijvoorbeeld een racket met flexibele schacht, een stijf, midsize of oversize blad en de juiste greep(maat) moeten gebruiken om te zorgen dat de kans op overbelasting van de onderarm zo klein mogelijk is. Een dunnere snaar (16 of 17 gauge) wordt verkozen boven dikkere snaren. Verder moet de bespanning relatief zacht zijn en horen er nieuwe ballen gebruikt te worden.
TIP
Weet wat u moet doen bij een hersenschudding
Heeft een sporter na een val of botsing last van misselijkheid, evenwichtsproblemen en is deze duizelig en gevoelig voor licht? Dan bestaat er een kans dat deze last heeft van een hersenschudding. In zo'n geval is het belangrijk de ernst van de hersenschudding in te schatten en te bepalen of het verantwoord is of een speler terugkeert naar de wedstrijd.